Mechanische kilometerteller.
Een mechanische kilometerteller bevat meestal een as met daarop naast elkaar een aantal schijfjes met daarop de cijfers 0 t/m 9.Hierachter ligt een tweede as met kleine tandwieltjes.
Het meest rechtse schijfje met cijfers wordt rechtstreeks vanuit de wielen via een vertraging rondgedraaid.
Elke keer wanneer het cijfer 0 wordt gepasseerd, zorgt een nokje ervoor dat het tandwieltje tussen dat schijfje en het volgende een stukje meedraait en daarbij het eerstvolgende schijfje precies 1 cijfer mee laat draaien.
De overbrenging tussen de wielen en de kilometerteller is gebaseerd op een veronderstelde omtrek van het wiel, en is daarmee bepalend voor de nauwkeurigheid van de kilometerteller. Wanneer de diameter van de wielen veranderd wordt, bijvoorbeeld doordat de eigenaar van de auto een andere maat velgen onder zijn voertuig laat monteren, dient de kilometerteller opnieuw afgesteld te worden, omdat anders de meting niet meer klopt.
Oorspronkelijk had een kilometerteller maar vijf schijfjes; na 99 999 stond de kilometerteller weer op 00 000. Daarom spreekt men nu nog wel eens van 'tweemaal de klok rond' als een auto meer dan 200 000 kilometer heeft gereden.
De kilometerteller is in de meeste voertuigen uitgebreid met een dagteller.
Mail voor meer informatie over onderstaande
merken